Ondernemers

Ondernemers op reis naar vakschool in Parakou

Benin 2010

Geplaatst op 26 mei 2010

Terug naar het overzicht

Met een groep ondernemers maakten we een reis naar Benin, waar we ook de vakschool in Parakou bezochten.

Ondernemersreis naar Benin - 2010

Dag een | woensdag 26 mei 2010

Na een voorspoedige vlucht - met een overstap in Parijs - landden we om 19.15uur in Contonou, de grootste stad van Benin. Eventjes een foto maken bij het uitchecken was er voor Jan van Velzen niet bij. De Douane kwam al snel op hem af en hij en zijn camera moesten mee komen. Maar gelukkig mocht Jan na wat praten weer mee met de rest van het reisgezelschap en hoefde hij zijn camera niet achter te laten. 

Kort daarna werden we bij het vliegveld met een minibusje opgehaald door onze gidsen, Alain en Michel. Onderweg naar het guesthouse, waar wij de nacht door zouden brengen, stopten we nog eventjes bij een restaurantje om wat te drinken. Hier moesten we betalen voor de bewaking van ons busje.

Bij het installeren van onze kamers in het guesthouse kwamen we er achter dat er ook Gekko’s (een grote familie van hagedissen) bivakkeren. Om 23.00uur besloot Piet Dorst met ons allemaal de dag met een Bijbelgedeelte en gebed. Na nog een koude douche was het echt tijd om te gaan slapen.

Hartelijke groet!

Dag twee | donderdag 27 mei 2010

Vanmorgen hebben we om 8.00uur ontbeten met vers gebakken brood. Vervolgens zijn we met z'n tienen in een minibus door een ongelooflijk druk Contonou gereden. Wat een stad is dat! Onderweg valt er genoeg te zien. Duizenden brommertjes waarop hele gezinnen, varkens, geiten, autobanden en noem maar op vervoerd worden. Over de enige hoofdweg, vol kuilen en putten reden we richting noord Benin. Deze hoofdweg vormt de koopgoot van Benin. Iedereen heeft er wel een handeltje in bijvoorbeeld broden, banden of glazen flessen met benzine dat  (illegaal) is geïmporteerd uit Nigeria. Peugeots 404 en 405 van 35 jaar oud zijn werkelijk meters opgeladen met handelswaar. We zien onderweg ook vrachtwagens van minstens 40 jaar oud die totaal volgeladen zijn met handelswaar en mensen.

Om 12.30uur kwamen we in Dassa om de lunch te gebruiken. In een soort herberg kregen we een spaghetti maaltijd. Vervolgens reisden we weer verder naar de eindbestemming. Om 18.00 uur waren we op de Vakschool waar we kennis maakte met de schoolleiding. We kregen een presentatie over het ontstaan van de school, het leerplan en de doelstellingen. Vervolgens zijn we gaan eten in het guesthouse van SIM in Parakou. Om 22.30uur besloten we ons bed op te zoeken...

Hartelijke groet!

Dag drie | vrijdag 28 mei 2010

Om 7.00uur zaten we aan het ontbijt. Om 8.00uur werden we weer opgehaald door onze chauffeur met de minibus. De eerste reis ging richting de vakschool waar we de metaalbewerkingsdmachines hebben geïnspecteerd. De diverse machines moesten nog wel electrisch aangesloten worden. Dit tot verassing van Jan en Jan Reint die samen met Piet zouden zorgdragen voor het proefdraaien en installeren van de machines. Ondertussen verwelkomde de rest van de groep de ouders van de examenkandidaten. We werden als een soort commite voor in de klas geparkeerd waar wij vervolgens allerlei vragen mochten stellen aan de ouders o.a. waarom ze hun zonen naar deze school hadden gestuurd, wat ze voor veranderingen hadden waargenomen bij hun kinderen qua gedrag en kennis. Daarna konden de ouders vragen aan ons stellen. Via onze tolk Annie Tersteeg (zij leidt en meisjesschool in de plaats Nikki) werden allerlei vragen over en weer gesteld en beantwoord. Na een klein uur zijn we met de stagebegeleider van de vakschool de stad in getrokken om de diverse stagebedrijven te bezoeken. Zoals diverse garagebedrijfjes, metaalbewerkingsbedrijfjes en tot slot een boekwinkel waar nog een paar boeken gekocht moesten worden. Vervolgens kregen we in het guesthouse een heerlijke warme maaltijd. Gezien de temperatuur lasten we een korte siësta in tot 15.00uur.

Om ongeveer 15.15uur zijn we weer terug gegaan naar de vakschool om de diplomauitreiking mee te maken. Wat een enorm feest was dat, echt op zijn Afrikaans: muziek en een hoop show met TV en allerlei lokale autoriteiten erbij. Wat een ervaring! We mochten zelf ook een paar diploma's uitreiken. Theo en Wilco hielden nog een schitterende franse toespraak die alle aanwezigen liet bulderen van de lach. Na de afsluiting werd er uitgebreid gegeten bij de school, gefrituurde kip en een rijstmaaltijd. Als afsluiting was er een voetbalwedstrijd tussen twee teams van de school. Daarna zijn we moe en voldaan teruggekeerd naar het guesthouse. Hier dronken we koffie met zelfgebakken brownies. Inmiddels waren Jan, Jan Reint en Piet weer terug van hun technische missie op de vakschool en hopen het werk morgen af te kunnen maken. De rest van de groep gaat met twee fourwheel drives naar noordwest Benin. Daar over morgen meer.

Groeten Hans en de rest van de groep.

Dag vier | zaterdag 29 mei 2010

We zijn om 5.15 opgestaan om een grote reis te maken naar het Pendjari wildpark. Het is een enorm wildpark (zo groot als Nederland) wat door de Unesco verklaard is opgenomen in de Wereld Erfgoed lijst. Piet, Jan en Jan-Reint gingen overigens niet mee omdat ze op de technische school de machines moesten installeren.
Om 6.00 uur zijn we vertrokken. Via de organisatie DEDRAS hebben we twee Toyota 4 x 4 voertuigen gehuurd om de reis te kunnen maken. De eerste 40 km vanaf onze plaats Parakou gaan prima, de weg is (nog) goed, maar dan... de weg wordt een grote gatenkaas met enorme stukken uit het asfalt waardoor de snelheid maximaal 70 km per uur kan zijn en er voortdurend geslalomd moet worden om de diepe putten te ontwijken. We hebben twee hele goede chauffeurs die er de snelheid in houden en toch de grootste gaten kunnen omzeilen.

De reis in indrukwekkend, in de verte voor ons ligt het bergmassief waar het zwaarbewolkt is en het onweert. Schitterend om te zien. Ook het verkeer wat we tegenkomen maakt indruk. Colonnes met tankauto's op weg naar Niger en Togo. Levensgevaarlijke transporten met 45.000 liter benzine, vervoert door totaal opgebruikte vrachtauto's.

Verder is de natuur overweldigend. We rijden inmiddels steeds hoger en hebben schitterende laaglanden die - dankzij de vroege regenperiode - mooi groen zijn. De mensen in dit gebied wonen in steeds eenvoudigere omstandigheden. Het is vaak een verzameling van tien huisjes van klei en soms stenen afgedekt met grassen of -als men het kan betalen- golfplaat. Vaak heeft ieder dorpje een water pomp en dat vormt een soort dorpskern waar iedereen samenkomt.

Na ruim twee uur rijden gaan we een ontbijt gebruiken in een hotel in Djougou. Na het ontbijt komt de grote tocht naar het park. Vlakbij het park is een waterval maar we besluiten om deze op de terugreis te bezoeken. Na dat we de toegang tot het park Pendjari hebben betaald, rijden we met aangepaste snelheid het park in. Ondertussen is het zacht gaan regenen wat de weg roodbruin kleurt vanwege het ijzergehalte in de grond.
Ook aan de rand van het park wonen mensen onder primitieve omstandigheden. Men leeft zeer eenvoudig en we zien aan de kinderbuikjes dat de kwaliteit van het voedsel laag is en eenzijdig. Schitterende mensen overigens die allemaal hartelijk zwaaien als we passeren. Ondertussen zien we diverse dieren zoals antilope, apen en een soort zwijn. Na twee uur rijden komen we bij een klein meer met daarbij een observatiepost. Vanaf die post zien we een drietal nijlpaarden die in het water, zo bruin als chocolade, liggen te zonnen. Af en toe komen ze wat uit het water omhoog maar ze blijven vrijwel op hun plaats. De krokodillen zijn actiever en speuren de oevers af naar een middaglunch. Een drietal antilopen, waaronder een klein kalfje, begeeft zich richting het water om te drinken. De krokodillen volgen het groepje maar komen niet in actie.

Na een korte lunch van brood vangen we de terugreis aan want we moeten ook nog langs de waterval en de lemen huisje die zo karakteristiek zijn voor de regio. Bij de waterval worden we opgewacht door een paar jongens die voor geld van grote hoogte van de waterval afspringen in het water.  We schatten  de hoogte zo,n 15 tot 20 meter...

Nadat de jongens gesprongen hebben haasten we ons weer naar de auto om de reis naar Parakou te vervolgen. Halverwege komen we bij de lemen hutten ook wel Tatasomba genaamd. We kijken onze ogen uit hoe de mensen in die armoedige situatie kunnen leven. Werkelijk 0,0 luxe, alles loopt door de hutten, vee, kippen, kinderen en alles laat ook zomaar alles lopen...

Weer snel verder want het schemert al en de gevaarlijkste weg moet nog komen. Na een uur rijden klappen we met de voorste Toyota snoeihard in een diepe put. Je zou verwachten dat de vooras er onderuit zou klappen maar de chauffeur fronst wat en zegt dat de auto's dat kunnen verdragen. Om 20.30 stoppen we in een dorpje om te tanken. Op de hoek van de kruising is een dieselpomp met, naar mijn idee, variabele prijzen, afhankelijk van wie er komt tanken. Na de tankbeurten snel weer verder en om 22.15 sleepten we ons afgemat uit de auto's een mooi restaurant in waar we schitterend werden onthaald. Ook Piet, Jan en Jan Reint waren gearriveerd na een geslaagde dag op de vakschool.
We hebben heerlijk gegeten. Om 23.30 zijn we moe maar voldaan in bed gerold voor en stevige nachtrust.

Tot zover, Hans vanuit Benin

Dag vijf | zondag 30 mei 2010

Om 8.00 uur hebben we gezamenlijk ontbeten en zijn vervolgens naar de Franstalige kerk (DEDRAS) gegaan waar we de eredienst bijwoonden. Wat een enthousiaste mensen zijn de mensen van Benin! De preek ging over Efeze 6 en dat wij als mensen niet hoogmoedig mogen zijn.

Na de dienst zijn we vrij snel naar het guesthouse gegaan waar we geluncht hebben. De middag is benut voor een rustmiddag en 's avonds hadden we een hele goede Bijbelstudie onder leiding van Chiel over Jozua 1.
Het was een mooie rustige zondag geweest.

Hans

Dag zes | maandag 31 mei

Vannacht om half twee een enorme tropische bui over ons heen gekregen. Wat een water in zo'n korte tijd. De bui duurde zo'n drie kwartier. 's Morgens vroeg opgestaan om te ontbijten. Piet, Jan, en Jan Reint zijn voor de laatste keer naar de vakschool vertrokken voor instructie. De overige groep is vertrokken naar de markt van Parakou: een smeltkroes van mensen, hoofdzakelijk vrouwen en kinderen in een grote overdekte souk. Honderden kraampjes met werkelijk alles wat je kunt bedenken. Alles op en in elkaar geschoven, van etenswaar tot sloten en scharnieren. En om maar te zwijgen over hoe er vlees verkocht wordt, ongelooflijk, stukken vlees, zo in een schaal met honderden vliegen. En niemand schijnt er ziek van te worden.

Vervolgens zijn we ergens in een restaurant gaan eten. 't Eten was erg lekker, en we hebben goede gesprekken gehad met de directeur van de katoenfabriek in Parakou. Daarna zijn we weer terug gegaan naar het guesthouse voor een korte break. Om 16.00 uur vertrokken we naar een projectfarm net buiten Parakou. Op deze boerderij, 350 hectare groot, wordt cassave, maïs, pepers, aardbeien maar ook varkens, kippen, parelhoenders en zelfs vissen gekweekt. Om 19.00 uur gingen we weer op het (guest)house aan waar een heerlijke pizzamaaltijd op ons wachtte. Tevens was daar de volledige directie aanwezig van de vakschool. Deze bedankte ons nogmaals voor de inzet en machines. Daarnaast hebben wij ook het bestuur bedankt en wij kregen allemaal een prachtige leren aktemap en een glazen fles met noten.

We hebben de dag afgesloten en met elkaar nog wat gedronken.

Wordt vervolgt, Hans

Dag 7 | dinsdag 1 juni

Vandaag is de grote dag van de terugreis van ons verblijf in het guesthouse in Parakou naar de kust in het zuiden Cotonou. Een reis van zo’n 425 km waarvan zo’n 380 km keurig asfalt, een doorwaad/rijdbaar riviertje, 30 km kuilen en gaten en als klap op de vuurpijl 15 km aaneengesloten walmend, toerend en roestend blik wat ooit de weg was opgebracht als 'auto'. Maar goed we beginnen in Parakou, na het ontbijt hebben we met elkaar afgesloten en gebeden voor een veilige reis. We namen afscheid van Annie Tersteege, onze uitmuntende tolk Frans/Nederlands en Visa Versa. Zonder haar enthousiasme en gezelligheid had de reis nooit zo kunnen zijn zoals hij nu is geweest. Annie, nogmaals bedankt en proficiat! Ook een deel van het schoolbestuur was er en zodoende konden we waardering naar elkaar uitspreken. Bij leven en welzijn hopen we elkaar daar weer eens te mogen ontmoeten.
Om 9.45uur was het dan zover: de start van de terugtocht. Aangezien het ‘s nacht had geregend was het aanvankelijk met zo’n 27 graden 'lekker koel' echter weldra prikte de zon door het wolkendek en reden we met onze groep door en soort Turks stoombad met een lengte van een paar honderd kilometer. De reis was weer enerverend. Je blijft kijken naar alle vormen van vervoer. Het zijn soms letterlijke blikvangers. Ook mooi was een Peugeot 504 stationwagon van 30 jaar oud en tot aan het dak toe gevuld met sinaasappelen!  
Op een aantal plaatsen waren vrachtwagens van de weg gereden waarvan een tankwagen met benzine dwars door een huisje... Het is een zeer gevaarlijke weg vooral ‘s nachts. Onze chauffeur blijkt de weg zeer goed te kennen want met zeer grote kunde en toch een behoorlijk snelheid (95 km /uur) rijden we richting Dassa wat ongeveer op de helft van afstand ligt. We arriveren daar om ongeveer  13.15uur en gebruiken een lichte lunch bij een herberg. Veel tijd nemen we niet want we moeten snel verder. Vlak bij het plaatsje Hounkpogon stroomt een watertje over de weg. De snelheid gaat naar een km per uur, met andere woorden file. De weg is overstroomd door roodbruin water en ter plaatse is het asfalt weggespoeld en duiken de auto’s stapvoets de blubber in. Onze 'camera ploeg' springt uit de bus en loopt langs de file naar de waterstroom. Stapvoets loodsen twee militairen met een dozijn handgebaren de colonne door de geul die het water in het asfalt heeft gesleten. Het lijkt alsof de vrachtwagens kermen als de modderstroom door moeten, alles piept en kraakt. Na een kwartier zijn wij aan de beurt wat gelukkig voorspoedig verloopt. Om 18.00uur komen we aan in Cotonou. Een beter tijdstip kan ik niet verzinnen, als je tenminste van verse uitlaatgassen aangelengd met dieselroet en opgeluisterd met een orkest van claxonerende voertuigen houdt. De straat staat letterlijk blauw van de rook. Twee grote stromen verkeer persen zich door de stad een gaat erin en de andere eruit. Wonderwel vliegt alles langs elkaar heen zonder elkaar te raken. Het is geweldig om te zien en mee te maken en eigenlijk niet na te vertellen. Je moet het meegemaakt hebben. Om 18.45uur zijn we op onze eindbestemming, het driesterren hotel Hotel du Lac. Aanvankelijk zouden we in het guesthouse overnachten maar die hadden al gasten dus was er niet genoeg plaats. Dit was overigens een mooie plaats om op adem te komen van de achterliggende week. We keken uit op de riviermonding en een soort baai waarin lokale vissers met overmaatse kano’s en werpnetten hun vis vangen. Ter plaatsen is het water niet schoon maar blijkbaar zit er genoeg vis want de bootjes varen voortdurend in en uit. Wat verder weg zien we de Atlantische Oceaan waar de zeeschepen
op de rede voor anker liggen. Na gedoucht te hebben eten we ons avondeten buiten op het terras met een verkoelende zeewind en... zonder muskieten. We sluiten de avond gezamenlijk af en bespreken in het kort het programma van de laatste dag. Een aantal hopen naar de kunstmarkt te gaan en naar het slavenfort in Quidah de andere groep besluit een dagje bij het Hotel te blijven om wat te rusten. De schrijver van dit Weblog besluit als eerste om te gaan slapen dus wat er na 22.00 uur is gebeurd.............???  

Groet, Hans

Dag 8 | woensdag 2 juni

Vandaag zitten we om 8.30uur aan het ontbijt, wat sober maar toch compleet was. Even de laatste dingen met elkaar doornemen voordat de ene groep naar de kunstmarkt gaat om 9.00uur. Uiteindelijk arriveren we om 9.45uur op de plaats waar zo’n beetje de vaste kern van lokale kunsthandeltjes op zo’n 1000m2 bij elkaar is gedrukt in 16 kioskjes. Wel leuk is dat alle winkeltjes allemaal verschillende dingen verkopen: de ene verkoopt houten olifantjes, aapjes nijlpaarden, 'denkers', kleden, jambees en houten sleutelhangers. Zijn buurvrouw verkoopt vervolgens houten sleutelhangers, jambees, kleden, houten “denkers”, nijlpaarden, aapjes en olifanten... En zo gaat dat 16 x door. Het afdingen is inmiddels tot nationale volkssport verheven: Iets 'kost' 15.000 Frances en je biedt 5.000 vervolgens doet de verkoper of hij zwaar beledigd is en of wij geen interesse meer hebben. Je loopt weg en dan: 'He brother, give me your price'(iedereen is ineens broeder), wij bieden vervolgens net onder de helft en komen na veel heen en weer gepraat precies uit op de helft! Zes blanke ondernemers op een Afrikaanse kunstmarkt geeft hele leuke taferelen dat kan ik u verzekeren. Na ruim een uur zijn we uitgekocht en zijn al onze echtgenotes, kinderen en kleinkinderen voorzien van allerlei souvenirs uit Benin. Op dat moment begint het licht te regenen en pakken de handelaren hun zakenwaar in.

De reis gaat nu richting Quidah wat op zo’n 45 km van Cotonou ligt. De reis verloopt tergend langzaam, de weg is grotendeels onverhard en nat. Het verkeer wil maar niet opschieten en we doen er dus ruim een uur over voordat we er zijn. In Quidah schijnt de zon uitbundig en de temperatuur is zeker 40 plus, het zand is kokend heet. Voor ons op het strand staat een groot monument ter nagedachtenis aan de meer dan 1.000.000 slaven die in 17e eeuw door Europeanen naar Amerika zijn gedeporteerd. (Brazilië, Caribbean m.n. Haïti.) Het monument vertolkt het hartverscheurende verdriet van de achterblijvers over hen die nooit meer terugkwamen....  Op het strand zien we een tweetal slavenverblijven welke een aantal jaren geleden onder het zand vandaan kwamen door opgravingen. Het zijn er slechts twee van een tiental waarin slaven als vee bijeengestopt werden vlak voor de verscheping. De plaats had de naam “Haven zonder terugkeer”  (maar dan op zijn Frans natuurlijk). Een paar honderd meter verderop staan replica’s van de slavenverblijven en een hoofdkwartier van slavendrijvers. Een plaats die tot nadenken dwingt.......

Weer iets verderop staat nog een monument, maar dat is er een met een totaal andere uitstraling namelijk een van hoop en verzoening.  De bevolking van Benin heeft dit zeer bijzonder monument in 2000 opgericht doordat men – hoe wrang het ook klinkt – door de slavernij met het Evangelie van de Heere Jezus Christus in aanraking kwam en van een heel andere slavernij verlost werden, namelijk die van de zonde van Voodoo en andere afgoden. Men heeft het de Amerikanen en Europeanen openlijk vergeven en willen uitsluitend nog vooruit kijken. Op het monument staan een groot kruis en o.a. twee Bijbelteksten nl. Joh 1:16 en Jesaja 40: 3,5. Uit de mond van een volk als Benin hebben deze teksten er een dimensie bij die voor ons haast niet voor te stellen is, gezien de schaduw welke dit land met zich meedraagt door de eeuwen heen.

Na dit bezoek zijn we weer naar het hotel vertrokken om onze ander vrienden weer te zien en samen te eten. We hadden afgesproken dat we om 19.30uur naar het vliegveld zouden vertrekken om zodoende niet achteraan in de rij te moeten staan. Vlak voor de douane hebben we de onze coach Allin van DEDRAS en de beide chauffeurs hartelijk bedankt voor alle goede service en zorgen. We zien ze graag weer terug! Om 22.00uur konden we inchecken en om 23.05uur verlieten we dan toch echt Benin. Wat hebben we een hoop gezien en wat nemen we aan indrukwekkende herinneringen mee naar Nederland, onvergetelijk!

De nachtvlucht was voorspoedig. Het zicht was helder en doordat ik bij het raampje zat en voor mijn neus een digitaal schermpje had waar ik het vliegtuig op een kaartje geprojecteerd zag kon ik de verlichte steden aardig inschatten. Een heldere maan die de aarde laat oplichten op sommige plaatsen. Een ochtendgloren om 4.00uur vlak voor we de kust van Italië bereikten, schitterend! De landing op vluchthaven Charles de Gaulle liep voorspoedig en ook het uitchecken en weer inchecken voor de vlucht naar Amsterdam verliep gladjes. Om 7.30uur konden we weer aan boord van het laatste vliegtuig en voor we het wisten  waren we op Schiphol. Gezamenlijk zijn we naar de vertrekhal gegaan waar we elkaar de hand hebben geschud. Bij leven en welzijn zien we elkaar op 6 juli aanstaande in Friezenveen voor een reünie inclusief Annie die dan precies vakantie heeft in Nederland.

Het is een bijzondere reis geweest die de term 'ontwikkelingsland' vorm heeft gegeven. We zijn allemaal ontwikkelder teruggekomen op gebieden in ons leven die nog nooit bewerkt zijn geweest... We zijn God onze Schepper oprecht dankbaar voor de mogelijkheden die we hebben gekregen en Zijn bewaring daarbij.

Wordt – hopelijk – vervolgd.

Hans Juch

 

Print deze pagina Stuur door

Mail een vriend