Ik had in een bijdrage aan de discussie water een recht genoemd. Iedereen op de wereld heeft recht op toegang tot water, als publiek goed. Daarnaast maken véél mensen aanspraak op hetzélfde water, dus heeft een overheid daarin een regulerende taak. In gebieden waar toegang tot water niet goed geregeld is, roep je de overheid bij de les.
Met mijn opmerkingen sta ik niet alleen. De internationale gemeenschap erkent al zo’n kwart eeuw het recht op water, en de Verenigde Naties hebben schoon water in 2010 via een resolutie erkend als mensenrecht. Want op te veel plekken in de wereld wordt die toegang tot schoon water geblokkeerd.
Soms wordt water een oorlogswapen. Soms een afvalput. En soms simpelweg iets waar de armste gezinnen als eerste van worden uitgesloten. Ik zie dit met eigen ogen tijdens de reizen die ik maak.
Water, vond mijn Amerikaanse borrelgenoot, is vooral een verantwoordelijkheid van mensen zelf. Een overheid heeft alleen een verantwoordelijkheid als ze die ook toevertrouwd krijgt van mensen via betaalde belasting. In veel gebieden waar toegang tot drinkwater een probleem is, heerst ook een informele economie zonder belastingafdracht. En zonder inkomsten is het voor een overheid lastig dienstverlenen.
Een logische redenering. En toch schuurt het. In Heerlen bepaalde een rechter in 2008 dat een huishouden dat lange tijd de waterrekening niet betaalde, niet zomaar mocht worden afgesloten, omdat dat in strijd was met het internationale recht op water. Daar heb je weer dat recht van mensen op water. En de (rechterlijke) overheid in actie, die wellicht niet betaald werd door dít huishouden.
Wat mij wel aanstaat aan deze borreltafel is het beroep op eigen verantwoordelijkheid. Mensen en gemeenschappen kunnen zichzelf organiseren en eigen kracht inzetten. Initiatief van onderop. Daar is geen overheid voor nodig.
In Ghana, zo vertelt mijn borrelgenoot, verkoopt hij via waterbedrijfjes water aan huishoudens; zijn ideale model. Mensen betalen, het systeem draait, de kraan blijft lopen. Daar werken wij graag aan mee en respect om dit draaiend te houden in de context van Ghana.
Maar wat als je opgroeit in een plattelandsgezin dat hier niet in mee kan, en ook geen belasting betaalt, maar je hebt wel dorst? Het gaat hier nota bene niet om toegang tot Belgisch speciaalbier of glutenvrije havermelk.
Het gezin in Heerlen zal de rechter dankbaar geweest zijn. Uiteraard had een betaalde waterrekening wenselijker geweest. Maar ik ben blij over het afgesproken recht op water als basis om overheden aan te spreken. Al was het maar om waterbedrijfjes in Ghana zo goed mogelijk te faciliteren om ook kwetsbare gezinnen te bereiken.
Mijn vraag is nu niet wie er gelijk had aan de borreltafel. De vraag is wie er morgen water heeft. En wie niet.