Tegengaan van kindslavernij in Ethiopië | projectupdate juli 2022

Etenesh maakt sinds drie jaar potten waaruit de traditionele Ethiopische koffie wordt geschonken. Zeven dagen per week zit ze van 9:00 uur tot 18:00 uur in een hal, samen met andere vrouwen en hun kinderen. Per dag maakt ze tien potten, die ze in het weekend verkoopt voor 20 birr per stuk. Een goed inkomen, totdat je de materiaalkosten van de pot er vanaf trekt. Het is niet genoeg om haar kinderen naar school te laten gaan, daarom neemt ze hen twee keer per week mee naar de werkhal. Ook zij werken mee op de harde grond, zodat er meer geld verdiend kan worden.

Het is voor deze gezinnen dat we ons inzetten, maar ook voor straatkinderen en voor kinderen die bij een ander gezin als huishoudelijk hulp werken en worden uitgebuit. Samen met een consortium van lokale partners werken we aan de bestrijding van moderne slavernij door de ketens van kinderarbeid en uitbuiting in Ethiopië te doorbreken. In deze rapportage leest u over de activiteiten die in de afgelopen maanden hebben plaats gevonden. Hartelijk dank voor uw steun!

Etenesh en haar dochters

Resultaten 2021

389

kinderen (143 jongens & 246 meisjes) die slachtoffer waren van kinderarbeid en uitbuiting werden uit deze situatie gehaald en kregen onderwijs over de risico’s van uitbuiting. 373 kinderen werden herenigd met hun familie.

1035

kinderen zijn lid van een club die zich inzet voor het beschermen van kinderen. 505 kinderen zijn actief in het kinderparlement en laten zo hun stem horen over specifieke cases van uitbuiting.

1317

gezinnen in armoede leerden de benodigde vaardigheden om een eigen bedrijfje op te zetten. Er werden 98 Self Help Groups opgezet en 40 mensen ontvingen een lening van 400.000 ETB (€7500,-).

1738

overheidmedewerkers, waaronder beleidsmakers, functionarissen en rechtshandhavers werden getraind om hun werk beter uit te voeren.

Kinderen werken aan hun terugkeer in de maatschappij

In de Lighthouses van onze partnerorganisatie Hope for Justice vinden kinderen een veilig thuis. Bethel, verpleegster in het Lydia Lighthouse in Addis Abeba, vertelt: ‘Als een kind hier binnenkomt, geven we haar kleding en andere persoonlijke spullen. Ik controleer haar gezondheid door haar te wegen en haar lengte te meten. Ook wanneer iemand tijdens het spelen valt en zich bezeert, verleen ik medische zorg.’ De kinderen ontvangen in het Lighthouse ook onderwijs. Mathias werkt nu vier jaar als docent in het Lighthouse. ‘Om 9:30 uur geef ik life skill lessen, daarna begint om 11:00 uur het onderwijs. Veel meisjes hebben al een aantal jaar onderwijs gevolgd, dus dit zijn vooral lessen om hen weer op het juiste niveau te brengen zodat ze straks kunnen instromen in het reguliere onderwijs. ‘s Middags hebben de kinderen tot 15:00 psychologische begeleiding en groepstherapie. Dit doen we spelenderwijs, bijvoorbeeld met knutselen of dans.’ Wanneer de kinderen goed hun best doen, ontvangen ze een munt als beloning. Eén keer per week kunnen de kinderen van hun munten iets uitzoeken, bijvoorbeeld een pen, ketting, boek of kleding.

De medewerkers proberen ondertussen ook de familie van het kind te traceren. Wanneer dit lukt start er een traject waarin de ouders worden getraind en leren om hun inkomen te vergroten. Wanneer de ouders een stabiel en veilig thuis kunnen bieden, kan het kind terugkeren naar de ouders. Ook na de re-integratie houdt onze partnerorganisatie contact, zodat het kind en de familie goed worden begeleid en terugval wordt voorkomen.

In het kinderparlement komen kinderen op voor hun rechten

Verspreid door Ethiopië zijn verschillende kinderparlementen en kinderbescherming-clubs actief. Bijvoorbeeld op een school in de hoofdstad Addis Abeba, hier zitten Saron, Arsema en Mekdelawit in het bestuur van zo’n club. Twee keer per week komen ze in de lunchpauze bij elkaar om een casus te bespreken. Dit keer presenteren ze aan de groep het verhaal van een schoolgenoot die wordt uitgebuit. Ook vertellen ze over de gevaren die dit met zich meebrengt. Hierna gaat de groep met elkaar in gesprek om te kijken welke acties ze kunnen ondernemen om deze uitbuiting te stoppen. Eén van de groepsleden komt met een goede suggestie: ‘We moeten naar het schoolbestuur gaan en vragen of we flyers en posters over kinderuitbuiting mogen maken. Deze hangen we dan op en zo kunnen we bewustwording creëren!’

Saron, Arsema en Mekdelawit vinden dit een goed besluit en willen dit graag voorleggen aan het kinderparlement op hun school, dat iedere week op vrijdag bijeen komt. Het kinderparlement zal uiteindelijk op het idee stemmen en zo beslissen of deze actie uitgevoerd kan worden. Iedere zitting van het kinderparlement begint met het Ethiopische volkslied. Hierna wordt het aantal aanwezige leden geteld en vindt de stemming plaats.

Sterke families door training

De keuze van ouders om hun kind te laten werken komt vaak door armoede. Het is dus belangrijk dat we die armoede aanpakken. Onze partnerorganisatie DOT traint ouders en stimuleert hen om een business plan te maken. Ze verenigen zich vervolgens in zogenoemde Self Help Groups (SHG’s) en met elkaar starten de ouders hun bedrijfje.

Eén van deze SHG spreekt met elkaar af in een zijstraatje van Addis Mercato, de grootste openluchtmarkt van Afrika. Shewit, de voorzitter van de SHG vertelt: ‘In deze buurt zijn verschillende schoenmakers en dat trekt veel mensen. Van maandag tot en met zaterdag bereiden we eten en koffie en dat verkopen we aan deze mensen. Ieder lid van de SHG stopt wekelijks 50 birr in onze spaarkas, dat is een voorwaarde om mee te kunnen doen. Al onze inkomsten schrijven we op in ons blauwe spaarboekje. Tijdens de 8-daagse training hebben we geleerd hoe we kunnen sparen, hoe we de boekhouding moeten doen en met welk werk je een goed inkomen kunt verdienen.’

Voor veel vrouwen uit de groep is het de eerste keer dat ze een baan hebben en geld kunnen sparen. De training heeft dus echt gezorgd voor een nieuwe mindset en nieuwe kansen. De gezinnen van deze vrouwen zijn economisch sterker geworden, waardoor ze hun kinderen niet hoeven te laten werken en het gevaar op uitbuiting aanzienlijk kleiner is geworden.

Overheidsmedewerkers zetten zich in voor verandering

Om kinderuitbuiting op grote schaal aan te pakken, moet de overheid ingrijpen. We zijn dankbaar om te zien dat de overheidsmedewerkers en beleidsmakers zich hiervoor echt willen inzetten. Tijdens verschillende trainingen, die worden georganiseerd door onze partnerorganisatie Justice for All, wordt er met belangrijke actoren gesproken over de rechten van kinderen en leren beleidsmakers hoe ze het huidige beleid kunnen aanscherpen. De overheidsmedewerkers zien nu in dat ze met elkaar verantwoordelijk zijn en hebben afgesproken om elkaar hier ook op aan te spreken als dat nodig is. Een mooie ontwikkeling!

De strijd tegen kindslavernij aangaan kan alleen door samen te werken met lokale partners. Het waardevolle aan dit project is dat we het uitvoeren met lokale organisaties die diep zijn geworteld in de Ethiopische samenleving.

Ephrem Shiferaw vertelt: ‘Elk van de partners is geselecteerd op basis van hun toegevoegde waarde en rol in het programma. De werkzaamheden van de ene partner vullen de werkzaamheden van de andere partners in het consortium aan. Een dergelijke samenstelling van partners is van groot belang voor de aanpak van het complexe, multidimensionale en veelzijdige probleem dat kindslavernij is.’ Dankzij de samenwerking met lokale partners en de unieke samenwerking met Norad kunnen we inzetten op het daadwerkelijk veranderen van systemen. En die systeemverandering is hard nodig om de keten van uitbuiting te doorbreken!

Hartelijk dank voor uw steun!

© Woord en Daad | Privacy statementDisclaimer